Subarena Uitrusting & Materieel
Het Kabinet heeft via diverse programma’s een aanzet gegeven om kennis te ontwikkelen en te innoveren bij de industrie, kennisinstellingen en overheidsorganisaties. Binnen de overheidsorganisaties functioneren de hulpverleningsdiensten. Ook zij hebben behoeften aan innovatie om in de toekomst een antwoord te kunnen blijven geven op de maatschappelijke veranderingen. De hulpverleningsorganisatie moet meegroeien met haar tijd.
 
Met de inrichting van de Arena Maatschappelijke Veiligheid, zie   Externe link veiligheiddoorinnovatie bestaat de mogelijk voor hulpverleningsorganisaties om gezamenlijk een aanzet te geven tot  innovatie.
 
De arena Maatschappelijke Veiligheid kent 9 sub-arena’s die op verschillende aandachtsgebieden eindgebruikers bijeen brengt om met elkaar onderzoeksbehoeften te formuleren die omgezet worden in daadwerkelijk wetenschappelijk onderzoek of  innovatieve producten waarmee in de toekomst gewerkt gaat worden.
 
 
Subarena’s
1         Terrorisme en radicalisering;
2         Dreigings-/risicoherkenning en –analyse;
3         Veelvoorkomende criminaliteit en overlast;
4         Veiligheid van netwerksystemen;
5         Versterking opsporing en handhaving;
6         Versterking crisisbeheersing;
7         Geïntegreerde systemen;
8         Uitrusting en materieel;
9         Opleiden en trainen.
 
 
Eén van de sub-arena’s binnen de arena Maatschappelijke Veiligheid is de sub-arena Uitrusting & Materieel. Het voorzitterschap en het secretariaat worden, in opdracht van directie Politie & Veiligheidsregio’s van BZK, uitgevoerd door de Landelijke Faciliteit Rampenbestrijding (LFR).
 
De LFR heeft zicht tot doel gesteld om met het hulpverleningsveld, brandweer, politie en GHOR afzonderlijk en in een samenwerkingsprogramma met Defensie en Justitie tot innovatie van de hulpverleningsorganisatie te komen aan de hand van vooraf opgestelde toekomstvisies.
 
In de subarena zijn de volgende organisatie vertegenwoordigd:
Ø       Brandweer
Ø       Defensie
Ø       GHOR
Ø       Havendienst Rotterdam
Ø       NIID
Ø       Politie
Ø       TNO
 
Uitrusting en materieel
Uitrusting en materieel voor hulpverleners is van essentieel belang om het werk te kunnen uitvoeren. Toenemende risico’s en een complexere infrastructuur vragen om een adequate oplossing. Door gebruik te maken van bestaande en nog te ontwikkelen technieken kan hieraan invulling worden gegeven. Doel is het risico voor de hulpverlener bij de uitvoering van het werk zo klein mogelijk te laten zijn.

In deze subarena worden door de hulpverleningskolom, (brandweer, Politie & GHOR) maar ook bedrijfsbrandweren en hulpverleningsdiensten van Defensie kennisbehoeften geformuleerd binnen het samenhangende First Responder Modernisation Program waarin de volgende thema's centraal staan:
  • effectiviteit van het operationeel optreden 
  • operationeel optreden in ketens en netwerken
  • integrale (persoonlijke) uitrusting operationeel optreden
  • selectie, opleiden, oefenen, trainen en simulatie
 
First Responder Modernisation Program
Operationele hulporganisaties als brandweer, GHOR, Politie en andere kunnen effectiever gemaakt worden door innovatieve veranderingen in uitrusting, optreden en opleiding, gericht op het bereiken van kwantitatieve doelen. Een vergelijkbare moderniseringsslag is voor de soldaat in volle gang en de kennis kan aan genoemde operationele organisaties ten goede komen. TNO heeft dit proces in gang gezet met eigen investeringsgelden (vraaggestuurd programma Effectief en Veilig Ingrijpen (EVI) en BZK heeft zich hieraan gecommitteerd door steun voor en uitbreiding van het programma (First responders Modernisation Program). Ook andere Europese landen denken in deze richting en formuleren een gezamenlijk Europees onderzoeksprogramma (FIRST, First responders rescue and security technologies).
 
FMP Programma:
  • Evi programma
  • FBUH programma
  • Initiële onderzoeken
  • Regionale onderzoeken
Het First Responder Modernisation Program (FMP) bestaat uit een aantal onderliggende onderzoeksprogramma’s. Het FMP programma is mede bedoeld om alle onderliggende onderzoeksprogramma’s op elkaar af te stemmen en te coördineren om daarmee de samenhang te bewaken.
 
Effectief en Veilig Ingrijpen programma (EVI) 
Het EVI onderzoeksprogramma van TNO is een onderzoeksprogramma met als doel kennisopbouw TNO binnen het domein van het FMP. De resultaten van dit onderzoek is input voor de overige onderzoeksprogramma’s en staat aan de basis van concrete(re) behoeften van de doelgroep die vertaalt zijn naar projecten gefinancierd vanuit de initiële onderzoeken (gefinancierd vanuit pijler 5) en van het FBUH programma (gefinancierd vanuit pijler 5).
 
In 2009 zijn de onderstaande kennislijnen als onderzoeksprojecten opgepakt en in deze vorm zal het programma in 2010 worden afgerond
 
Onderzoekslijnen
  1. Effectiviteitsmodellering
  2. Opereren in ketens en netwerken
  3. First responders operationele bescherming
  4. Selectie, opleiden, trainen, oefenen en simulatie
  5. Implementatie in de praktijk
 
In het afsluitende jaar 2010 zal het onderzoeksprogramma Effectief en Veilig Ingrijpen komen tot een afronding. De in 2009 ingezette synergie tussen de projecten zal zich vertalen naar een aantal concreet gezamenlijk gerealiseerde deliverables. Daarnaast zullen binnen de kennislijnen verkenningen gedaan worden voor het in 2011 te starten programma “Professionele veiligheids-operaties en crisismanagement op maat; Meer veiligheid met minder professionals”.
 
Effectiviteitsmodellering
Binnen de onderzoekslijn effectiviteitsmodellering is een simulatiemodel ontwikkeld voor de inzet van de brandweer o.b.v. een fictieve omgeving. Het model dient in eerste instantie voor de “verken en red” -taak van de brandweer in een complex gebouw. Belangrijkste activiteiten voor 2010 is het komen tot een goed bruikbaar BRIGADE model dat ook met een human-in-the-loop kan worden gebruikt. Op deze manier worden de eerste stappen gezet naar een model dat zowel kan dienen voor evaluaties van innovaties, maar ook als beslisondersteuning voor een bevelvoerder en als onderdeel van een virtuele leeromgeving.
 
Bekijk hier de Flyer van de Brigade
 
Opereren in ketens en netwerken
Diverse brandweerkorpsen hebben de beschikking over zogenaamde mobiele dataterminals (MDT‘s) waarmee brandweervoertuigen genavigeerd kunnen worden naar incidentlocaties en waarmee ook informatie over objecten is op te vragen (aanvalsplannen). Dergelijke system,en bieden geen situational awareness over de inzet van de eenheden op het incidentterrein. Binnen de onderzoekslijn wordt o.a. gewerkt aan een Hulpverlener Informatie management Systeem (HIMS) die deze leemte moet opvullen. HIMS richt zich specifiek op de inzet van hulpverleners bij incidenten in “complexe objecten” (grote gebouwen, winkelcentra, parkeer garages etc.).
 
Bekijk hier de demo van HIMS.
 
First responders operationele bescherming
De eisen die aan de First Responders gesteld worden tegenwoordig steeds hoger. Daarnaast komen er ook steeds meer en complexere gevaren op hen af en wordt de omgeving ook complexer. Dat stelt niet alleen hoge eisen aan de First responders als mens, maar ook aan hun persoonlijke uitrusting.
Deze persoonlijke beschermende uitrusting dient hen te beschermen op de juiste momenten, maar verder ook zoveel mogelijk toe te staan snel en effectief hun werk te doen. Daarmee is hun veiligheid het beste gediend. In dit project werkt TNO aan het zoeken naar nieuwe oplossingen voor het samenvoegen van alle verschillende eisen die aan de beschermende uitrusting gesteld worden (zoals comfort, maar ook bescherming tegen vuur, klimaat, gevaarlijke stoffen, naalden, messen, etcetera). In eerdere jaren is gewerkt aan het toevoegen van sensoren in de brandweerkleding. In de komende tijd richt de aandacht zich op beschermende uitrusting voor politiemensen, met name scherfwering voor de arrestatieteams en slagstoot bescherming voor de ME. Voor de brandweer richt het onderzoek zich op de gevolgen van het verminderen van de hittebescherming van de bluskleding op de effectiviteit van hun optreden en hun gedrag. Hiermee willen we een beter inzicht krijgen onder welke omstandigheden de hoogwaardige beschermende bluskleding echt noodzakelijk is.
 



Intelligent Brandweerpak
 
Selectie, opleiden, trainen, oefenen en simulatie (SOTOSO)
 
Doel
  • Het identificeren van de kerncompetenties voor genetwerkt opereren van operationele hulpverleners tbv selectie, opleiding, training en oefening
  • Het specificeren van een simulatie-omgeving tbv trainen van deze kerncompetenties
  • Het ontwikkelen van een opleidingsmodel voor gedifferentieerd optreden op basis van de kerncompetenties.
  • Het uitproberen van een simulatie-omgeving in een case ‘trainen voor genetwerkt optreden’
Resultaten
  • Kerncompetenties genetwerkt optreden tbv selectie en training
  • Globale functionele specificaties voor de simulatie-omgeving ten behoeve van trainen kerncompetenties genetwerkt optreden
  • Case ‘trainen voor genetwerkt optreden’ in de vorm van een presentatie en een workshop met de doelgroep
Implementatie in de praktijk
Op 3 maart 2008 is het nieuwe training- en opleidingscentrum van de Brandweer Amsterdam-Amstelland (BOCAS) geopend door Minister Ter Horst. Daags daarna is met een symposium (First Responder Modernisation) het op het BOCAS gesitueerde TNO First Responders Fieldlab geopend. Dit fieldlab maakt het mogelijk om op locatie onderzoek ten behoeve van effectief en veilig ingrijpen van First Responders te doen, innovaties te ontwikkelen en te implementeren. Hiervoor is het fieldlab uitgerust met diverse onderzoeksinstrumenten. Naast de aanwezigheid van een inspanningsfysiologisch laboratorium is in 2009 verdere instrumentering van het BOCAS-oefengebouw gerealiseerd. Het gebouw beschikt daarmee over een zgn. ‘track-and-trace’- of personenvolgsysteem en een hieraan gekoppelde 3D-visualisatie van het gebouw. Het fieldlab is een zgn. ‘open innovatielaboratorium’ dat beschikbaar is voor samenwerkingsinitiatieven tussen kennisorganisaties, eindgebruikers en het bedrijfsleven ten behoeve van het optreden van First Responders.
 
FBUH programma
Doel van het programma is kennisopbouw voor het afstemmen van uitrusting en materieel op de taken van hulpverleners, First Responders (FRs). FR’s moeten die taken uitvoeren onder verschillende, complexe omstandigheden. Het programma wordt uitgevoerd in samenwerking met het ministerie van Defensie en Justitie.
 
Uitwerking vindt plaats in drie programmadelen:
  • Deel 1: Bescherming hulpverleners,
  • Deel 2: Effectieve en compacte brandblusmiddelen,
  • Deel 3: Toekomststrategie First Responders.
Onderzoeken binnen het FBUH programma worden door TNO Defensie en Veiligheid, Industrie en Techniek uitgevoerd. Programma is gestart op 1 jan. 2009 en wordt medio december 2009 afgerond.
 
Bescherming hulpverleners
Het deel “bescherming hulpverleners” van het FBUH programma moet een bijdrage bieden aan een optimale bescherming van de hulpverlener om de dagelijkse taken te kunnen combineren met een minimaal risico voor de hulpverlener zelf en een efficiënte taakuitvoering.
 
Binnen het deelprogramma Bescherming Hulpverleners zijn o.a. de volgende onderzoeken verricht:
 
Intelligente bescherming hulpverleners
  • Het Hulpverleners Informatie Management Systeem is uitgebreid met een demonstrator voorzien van diverse sensoren, indoor-positiebepaling, en datacommunicatie. Inmiddels heeft met succes een veldbeproeving van de nieuwe HIMS uitbreidingsmodule in BOCAS plaatsgevonden,
  • Eerste testen uitgevoerd met een nieuw systeem (smart position) voor het bepalen van de positie van een hulpverlener binnen een gebouw. Met dit systeem is geen GPS locatie informatie benodigd.
Taakspecifieke kleding en uitrusting
  • Een (generieke) methode ontwikkelt waarmee op basis van een taakbeschrijving van operationele hulpverleners de eisen kunnen worden bepaald voor de benodigde kleding en uitrusting.
  • Integratie en toepassing radartechnieken
  • Door middel van een groot aantal metingen is inzicht verkregen hoe radar life signs van potentiële slachtoffers met en zonder radartransponder waarneemt,
  • Inzicht in het effect van vuur, rook en schuin door muren kijken op radarprestaties,
  • dempingsmetingen aan bouwpuin met radar uitgevoerd, metingen aan radartransponder afgerond,
  • metingen aan hartslag en ademhaling in representatieve omgeving afgerond,
  • metingen aan vuur in gecontroleerde omgeving afgerond, inclusief analyse,
  • meting aan verschillende soorten vuur en rook in buitenlucht afgerond.
Implementatie in de praktijk
Instrumentatie van het BOCAS-oefengebouw voorzien van ‘track-and-trace’ systeem o.b.v. SOWNet technologie, een camerasysteem, netwerk van steunzenders t.b.v. real-time prestatie- en gezondheidsmonitoring en een 3D-visualisatie van het BOCAS-oefengebouw voor virtuele training en modellering van het optreden van First Responders d.m.v. het simulatiemodel BRIGADE.
 
Effectieve en compacte brandblusmiddelen
Het deel “effectieve en compacte brandblusmiddelen “van het FBUH programma moet de hulpverlener in staat stellen om branden te bestrijden met een aanzienlijk lagere fysieke belasting belasting voor de hulpverlener maar ook het huidige gebruikte materieel zal hiermee voordeel kunnen doen. Dit voordeel zal bestaat o.a. uit een veel lagere belasting van het voertuig. Voor de toekomst zullen middelen moeten worden ontwikkeld die ook in andere werkorganisatievormen de hulpverlener in
staat stellen branden op een efficiënte manier te bestrijden.
 
Binnen het deelprogramma Bescherming Hulpverleners zijn o.a. de volgende onderzoeken verricht:
  • Er is een quick-scan uitgevoerd naar innovatieve blusmiddelen. De door Efectis opgestelde rapportage innovatieve brandbestrijdingsmiddelen is gereed,
  • Uitwerken van een concept evaluatiemethoden in volle gang,
  • contacten met onderzoekscentra t.b.v. voorstellen testmethode wordt uitgewerkt,
  • Inventarisatie gebruikte evaluatiemethodes in buitenland,
  • scenario ontwikkeling als basis voor evaluatie.
 
Toekomststrategie First Responders
Het derde deel – Het ontwikkelen van een toekomststrategie voor het optreden van de First Responders of the Future – moet leiden tot een toekomstbeeld voor de operationele multidisciplinaire hulpverlening.